“Waar word ik het meest gelukkig van?”

Levensbepalende keuzes maken is moeilijk, voor iedereen. Bij de huidige twintigers levert het maken van keuzes veel stress op, keuzestress. Kies je om te gaan werken na je hbo-studie of kies je ervoor om door te gaan studeren aan de universiteit? Het een sluit het ander uit en dan komt de vraag: Waar word ik als persoon gelukkiger van? Generatie Z vindt het moeilijk om de knoop door te hakken bij belangrijke keuzes. Ezra (22) worstelt met deze levensbepalende keuzes, ze wil geen ‘fouten’ maken.

“Ik ben bang. Ik vind het moeilijk om een keuze te maken die belangrijk is voor mijn toekomst. Over een half jaar studeer ik af als pedagoog. En dan? Ik kan gaan werken, ik kan op reis gaan of een master gaan doen aan de universiteit. Alle drie de keuzes spreken me aan, maar ik kan ze niet tegelijk doen. Als ik eraan denk word ik heel zenuwachtig. Ik blijf piekeren. Per dag maak ik een andere keuze. Mijn hoofd zegt: Ga een master doen. Mijn gevoel reageert: Dat duurt nog weer twee jaar, hoe ga ik dat betalen zonder studiefinanciering? Anderzijds ben ik 22 als ik afgestudeerd ben, wil ik dan tot mijn zeventigste werken? Nee. Op reis gaan terwijl ik een studieschuld heb, wil ik ook niet. Soms voel ik me misselijk als ik denk aan deze belangrijke keuze. Elke dag probeer ik de knoop door te hakken, maar elk etmaal wil ik wat anders: de ene dag schrijf ik me in voor een open dag van de universiteit en de andere dag kijk ik naar een visum voor Australië.

Ik lijd aan keuzestress. Ik omschrijf het als het hebben van zoveel keuzes, dat ik mijn geluk daarin moet kiezen. Ik weet voordat ik een keuze heb gemaakt niet wat mij het gelukkigst zal maken. Ik vind het altijd heel lastig dat als ik het ene kies, het andere niet kan kiezen. Achteraf denk ik altijd: Wat nou als ik het andere had gekozen, was ik dan gelukkiger geweest? Dat kan je nooit zeggen, je weet niet wat de andere keuze je opgeleverd zou hebben. Dat maakt kiezen zo moeilijk voor mij. Van tevoren weet ik niet welke keuze het beste uit zal pakken. Dat gaat niet over welke reep chocolade ik zal kiezen of welk tv-programma ik zal gaan kijken, het gaat om levensbepalende keuzes.

Over een half jaar mag ik mezelf pedagoog noemen. Stel: Ik kies ervoor om te gaan werken. Dan moet ik alsnog een keuze maken welke kant van de pedagogiek ik op wil. Overal waar kinderen zijn, kan ik gaan werken. Ik kan bijvoorbeeld gaan werken als: Woonbegeleider, speltherapeut, intern begeleider op school, beroepscoach en gezinsbegeleider. Wetende dat als je een bepaalde richting op gaat in de pedagogiek, je daar meestal in blijft hangen, vind ik deze keuze ook heel eng. Wat past er het beste bij mij? Wat vind ik het leukst? Ik krijg weer stress als ik hieraan denk. Mijn hoofd maakt overuren, het is namelijk een keuze die de rest van mijn leven gaat bepalen. Als ik woonbegeleider word, is het moeilijk om speltherapeut te worden. Ik zou willen dat ik de knoop kon doorhakken en zou durven te kiezen voor hetgeen het best bij mij past.

Voordat ik met mijn studie begon, moest ik een keuze maken tussen 4 studies die mij aanspraken: Pedagogiek, commerciële economie, de fotoacademie en communicatie. Ik vond dat ze alle vier op een bepaalde manier bij mij pasten. Ik koos pedagogiek, iedereen zei al van jongs af aan dat ik iets met kinderen moest gaan doen. Uiteindelijk koos ik het ook om die reden. Ik vond pedagogiek oprecht interessant, maar ik vond meer dingen interessant: Ik ben er daarom ervan overtuigd dat geen enkele studie voor honderd procent bij mij past. Toen ik in het tweede jaar van mijn studie stage moest lopen en er van alles van mij verwacht werd, ging het mis. Ik moest vijf dagen in de week stagelopen en zat in een team met alleen maar professionals, ik was de enige stagiair: Ik werd behandeld als een scholier, alsof ik niet goed genoeg was om bij dat bedrijf te werken. Ik dacht na over mijn toekomst, werd zenuwachtig en de keuzestress kwam weer opspelen. Als dit mijn toekomst zou zijn, had ik dan wel de goede keuze gemaakt? Ik moest weg van hier en boekte een enkeltje naar Azië.

Het voelde als falen om mijn stage stop te zetten na zes van de tien maanden. Ik gooide zo een jaar weg. Achteraf gezien is mijn uitvlucht naar Azië de beste keuze die ik ooit gemaakt heb. Het was de eerste keer dat ik voor mezelf koos en niet voor wat anderen van mijn verwachtten. Na twee weken realiseerde ik me dat ik thuis gevangen zat in mezelf. Ik moest van alles: Mijn studie halen in vier jaar, geld verdienen om mijn kamer te betalen en mijn stage afronden met een goed cijfer. Uiteindelijk ben ik tot het besef gekomen dat ik helemaal niks moet. Het enige wat ik moet is gelukkig zijn en blij zijn met het leven dat ik leid. Ik heb één seconde gedacht: Ik ga stoppen met pedagogiek. Maar de keuze om door te gaan voelde veel beter: Ik had immers al twee jaar, zonder moeite, gehaald. Het zou zonde zijn om deze twee jaren weg te gooien. Ik kan altijd nog een andere studierichting kiezen als ik naar de universiteit ga.”

Advertenties